Symbolisme

Het symbolisme was een stroming in de beeldende kunst, muziek en literatuur die in het fin de siècle opgang maakte, in eerste instantie in Frankrijk, maar spoedig daarna ook elders in Europa. Het ontstaan van het symbolisme is te zien als een reactie op het rond 1850 dominante realisme en naturalisme in de kunst. Verbeeldingskracht, fantasie en intuïtie werden centraal gesteld. Het symbolisme kenmerkt zich door een sterke hang naar het verleden en een gerichtheid op het onderbewuste, het ongewone en het onverklaarbare. Het symbool stond daarbij centraal, en wordt een zintuiglijk waarneembaar teken dat verwijst naar een poort naar de niet-zintuiglijke wereld. De innerlijke, irrationele ervaringen worden belangrijk, met de nadruk op droombeelden en de dood. Vormen van machteloosheid, loomheid en decadentie roepen een sfeer op van onheilsverwachting en dreiging.

Symbolistische kunstenaars

Symbolistische kunstenaars wilden hun persoonlijke gevoelens, emoties en dromen op een raadselachtige, magische manier, of met expressieve beeldaspecten weergeven. Zij lieten zich leiden door intuïtie om de ziel van de werkelijkheid te laten zien. Het figuratieve symbolisme toonde ook een zwaarmoedigheid die aansluit bij de noodlotsgedachten die tegen het einde van de eeuw sterker werden. Men had het gevoel dat de westerse beschaving in het fin de siecle ten einde liep. Vanuit sombere melancholie raakte men gefascineerd door het lijden en de dood.

Het symbolisme, en dan zeker in de literatuur, ging aan Nederland grotendeels voorbij. Misschien ligt dat wel aan de nuchtere aard van de Nederlanders. In mijn studie Frans heb ik veel gelezen van Baudelaire, Rimbaud, Verlaine. Een van mijn favoriete Nederlandse schrijvers/dichters is Slauerhoff die ook geïnspireerd werd door de Franse symbolisten.

Hertstranen is in veel opzichten een symbolistische roman, met een randje van absurdisme. Ontdek zelf de elementen, letterlijk en figuurlijk!